Sintermeerten > Over SMC > Blog > Berichten > Camilla Läckberg in Antwerpen I
juli 12
Camilla Läckberg in Antwerpen I

​Vorig jaar -op 8 mei- was Camilla Läckberg te gast bij de Standaard Boekhandel België (met medewerking van de uitgever Veen, Bosch en Keuning Belgium (VBK) – waaronder ook imprints vallen als Ambo en Anthos) , in het Zalencentrum bij Hotel Elzenveld  in Antwerpen.Läckberg is meermaals om haar werk bekroond: in 2005 was zij de Zweedse schrijver van het jaar, in 2006 kreeg haar laatstverschenen boek de publieksprijs en in 2011 was zij de best verkochte Zweedse schrijver. In Nederland en Vlaanderen samen werden tot nog toe 550.000 exemplaren verkocht van haar in onze taal vertaalde boeken. En vanavond komt daar weer een honderdtal bij! 
Er hangt in de sfeervolle zaal een gezellige spanning, voor de schrijfster opkomt. Achter me praten twee vrouwen op hun eigen manier over de boeken die zij van de schrijfster gelezen hebben. Over hoe de films heel anders zijn die van Läckbergs boeken gemaakt worden. Dat die voor de vrouw die het vertelt en die kennelijk ook het meest van de schrijfster weet, weinig met die boeken te maken hebben.
- Wat geschreven is, is veel mooier!
En dan gaat het over misdaadromans op zich. Dat je die in Vlaanderen ook hebt, maar dat dit heel andere misdaadromans zijn, omdat nu eenmaal…
Het wordt niet helemaal uitgesproken, zoals veel in dit gesprek niet helemaal uitgesproken wordt. Nou ja, soms toch…
- Ze heeft economie gestudeerd hè… en ze schijnt er erg goed in te zijn haar boeken te promoten. Dat zie je wel…
Ik lees al heel lang als ik zin in ontspanning heb misdaadromans. Dat begon al in mijn jeugd, met boeken van Francis Durbridge over Paul Vlaanderen of van Leslie Charteris, over Th Saint en van Georges Simenon over Commissaris Maigret. Later werd ik fan van Jef Geeraerts met zijn heel eigen stijl van misdaadroman, beginnen met Kodiak.58. En nu zijn het Luc Deflo, Arnaldur Indridason en Camilla Läckberg, die ik in ieder nieuw boek dat ze schrijven probeer bij te houden. Misdaadroman kunnen nog zo gruwelijk zijn in de misdaad die of in het plot dat ze beschrijven, ze bieden mij als lezer ook een heerlijk moment van relax.
Als een misdaadroman gewone mensen presenteert in een buitengewone situatie, dan geldt dit zeker voor de hoofdpersonen bij Camilla Läckberg – de rechercheur Patrik Hedström en de schrijfster Erica Falck. Leuk om haar daar vanavond eens zelf over te horen, moderator is John Vervoort, die regelmatig misdaadromans bespreekt voor de Standaard. Of hij ook het werk van Läckberg goed kent, zal mij vanavond niet duidelijk worden, meestal bespreekt hij een aspect van een boek aan de hand van de flaptekst. Tenminste, hij pakt dan een boek erbij en werpt daar een blik op, op die achterflap. Leerlingen die bij mij hun mondeling examen literatuur erg slecht voorbereiden komen voor veel boeken ook niet veel verder…

Camilla Läckberg werd geboren in Fjallbäcka, in het noordwesten van Zweden. Fjallbäcka hoort tot de gemeente Tanum, waarvan Tanumshede de hoofdplaats is. Deze stadjes liggen in het landschap van Bohuslän. Fjallbäcka is ook het stadje waar of waaromheen zich de boeken met Patrik en Erica zich afspelen. Het is een mooi, leuk stadje volgens de schrijfster, met 1000 inwoners. Ze heeft er nog familie wonen, neven en nichten en bracht er 17 jaar van haar leven door.
-           Dat was een traditioneel, veilig leven. Het was dus fijn te mogen opgroeien. Iedereen kende er iedereen. Je kon er van 8 tot 8 buiten zijn, want je voelde je als kind erg veilig. Maar als teenager vond ik het nìet leuk meer. Toen wou ik er weg.
-          Ik had dus een veilige, misschien ietwat saaie jeugd. Op mijn 7e las ik Agatha Christie, op mijn 10e Edgar Allan Poe. Misschien zouden mensen mij nu in verband met die boeken eng vinden… met 2 ex-mannen… Maar goed, ze leven nog… Zou ik ze in de tuin kunnen begraven? Nee, dat zou teveel opvallen…
-          Nu is daar een Camilla Läckberg wandeling in Fjallbäcka. Ik ben eens met één van die wandelingen meegegaan. Lasse – mijn vroegere zeilleraar – was de gids. Op een bepaald moment vertelde hij waar in één van de boeken het lijk had gelegen. Ik was het niet met hem eens, ik wees aan waar dat lijk volgens mij had gelegen. Maar hij bleef bij zijn plek voor het lijk… Ik zeg toen: maar ik ben de schrijfster, zou ik dan niet weten waar dat lijk lag?
Maar hoe vinden ze dat dan, in dat stadje? Is het een waar beeld dat haar boeken geven? Is het niet te negatief?
-          Ze zijn gek op mijn boeken. Ik breng nu mensen uit de hele wereld in Fjallbäcka. Ik krijg zelfs mails met tips als: “Bij mij in de tuin kan nog wel een lijk…”
Haar moeder woont er nog.
-      Mijn moeder is een bijzonder type. Ze is nu met pensioen en ze heeft dus tijd over. Soms zijn er dan mensen die komen bij de dienst voor toerisme en vragen: “Is Camilla daar?”. “Nee,” wordt er dan geantwoord, “maar we kunnen haar moeder bellen…” Ze is trots op het werk van haar dochter.
Camilla heeft altijd erg graag geschreven.
-      Mijn eerste verhaal schreef ik toen ik 5 jaar was. Ik was al vroeg gegrepen door de donkere kant van de mens, door de misdaad. Mijn vader en moeder hielpen me in die tijd met het opschrijven van mijn verhaaltjes. Mijn eerste boek Santa (= Santa Claus) schreef ik toen ik 5 jaar was. Het waren vier bladzijden, met een oranje kaft. Het ging over Santa Claus en een vrouw en het begon vrij gelukkig, maar vier bladzijden verder lag er ineens een vrouw dood op de vloer. Inderdaad, die fascinatie begon dus vroeg. Mijn leeftijdgenoten waren met heel andere dingen bezig…
-      Wij hebben in Scandinavië lange, strenge winters. Misschien staan we daardoor wel extra open voor misdaadverhalen. Sjöwall en Wahlöo is immers ook hier ontstaan. Ik vond het vroeger heerlijk om die boeken te lezen. Je kunt het vergelijken met onze grote tennisspelers, die komen misschien ook wel door die lange winters… hoe kan het anders dat hier spelers als Björn Borg en Thomas Edberg vandaan komen. 
Maar toch ging Camilla niet meteen iets met schrijven doen, ze ging economie studeren:
- Ik vroeg me af, of je van het boeken schrijven wel kon leven. Dus begon ik maar aan een van de vervelendste studies – ik ga vanavond iedereen hier beledigen, ik weet het. Want daar kon je wel een goede baan mee vinden. Maar al gaf die studie me alle kennis van de economie van Zweden en van Europa, zij gaf me het meest ongelukkige gevoel dat ik ooit gehad had.
-    Een vriendin en haar man schreven me toen in voor een cursus schrijven en daar kwam de IJsprinses uit voort
Wat was het idee achter dat boek?
- Het idee was – zoals vaak bij mij – een foto, een beeld, een moment. Een vrouw die in het ijs in een badkuip lag…
- Die schrijfcursus had bij mij een opwinding losgemaakt en een energie opgeroepen, die moeilijk meer in te tomen bleek. Maar om echt tot een versie van mijn eerste boek te komen, dat ik geschikt vond voor uitgave, was wel een marteling. Het deed me vooral wat mijn zelfvertrouwen betreft in een crisis belanden. Bovendien vond dit tegelijk plaats met de zwangerschap van mijn eerste kind, Wille – hij is nu bijna dertien.
- Ik had het boek voor wat mij betreft af in de week van de bevalling. Toen kon ik het insturen. Dat boek toen in de brievenbus stoppen was voor mij een hele rituele handeling… Dat gebeurde in de zomer van 2002… dit was het moment waar alles om draaide: nu zou ik mijn jeugddroom kunnen verwezenlijken of ik zou hem moeten opgeven…
- Ik kreeg toen een heel snelle reactie van een kleine uitgever waar ik het boek ook naartoe had gestuurd. En vijf dagen later had ik een zoon. Maar ik weet niet waar ik meer verheugd over was: want ik had ook een eigen ISNB-nummer…Dat besef maakte zo’n ongelofelijke indruk op me…
- Mijn eerste druk kreeg 3000 exemplaren. Dat betekende een goed debuut. Maar ja, ik wilde ervan kunnen leven. Ik besefte dat ik een literair agent nodig had om dat te bereiken… Ik was niet goed genoeg in het verkopen van mezelf, met een agent zou dat beter lukken. Dus ik vroeg toen de agent van Lisa Marklund of hij ook mijn agent zou willen zijn. En dat betekende eigenlijk de werkelijke start van mijn carrière. Van mijn tweede boek verkocht ik 30.000 exemplaren in de eerste druk. Van mijn derde 60.000, van mijn vierde 100.000 en nu bedraagt een eerste druk 300.000 exemplaren. Mijn werk wordt in 55 landen verkocht en het is in 37 talen vertaald. Ook in Zuid-Korea en Japan haal ik vast het onderste in de mensen naar boven, want ook daar zijn de reacties enthousiast. Ik heb inmiddels een garage vol met mijn boeken, ook de vertaalde versies ervan.
- Steenhouwer werd ook vertaald in het Pools en het Fins… ik verbaas me dan over het verschil in dikte tussen die boeken en de Zweedse versie. Ik denk dan: waar blijven die bladzijdes in de vertaling van de ene naar de andere taal?
- Toch zijn de verschillen niet zo groot hoor, als je de opmerkingen in Zuid-Korea over de rol van de plaats Fjallbäcka neemt, dan zijn de commentaren niet anders dan die hier. En de vragen ook.
De moderator heeft weer een erg relevante vraag bedacht, zonder vingerwijzing op de achterflap.
“Had je ooit een Nederlands vriendje?”
- Nee, maar ik weet wel hoe je “Ik hou van jou” zegt…
“In de IJsprinses wordt dus dat lijk in de badkuip gevonden… hoe is het om daarover te schrijven”?
- Het verhaal eist soms nu eenmaal weerzinwekkende dingen van je. Maar mij fascineren die ook…
“Wat staat er allemaal op het lijstje van dingen die je nog wilt doen?”
- Ik wil nog naar Hawaii, naar één van de bodyfarms die de FBI heeft. Waar je op een wetenschappelijke wijze lijken leert bestuderen en identificeren. Daar is een heel team aan forensische specialisten die expert zijn in de studie van lijken.
“Waar liggen je grenzen van wat je wel en niet wilt in je boeken?”
       -     Ik wil niet veel kinderen in mijn verhalen als slachtoffer. Want ik heb ook de grootste
             angst voor mijn eigen kinderen, dat hun iets zal kunnen overkomen. En seks wil ik ook
             niet, want mijn moeder leest mijn boeken. Mijn vriendin schrijft van die chicklit-
             boeken. En haar stiefmoeder schrapt de bladzijden met seks uit die boeken, voordat 
             haar vader ze leest. Dan heb ik liever een mooie moord in mijn romans…

“Heb je ook een boodschap in wat je schrijft, voor de samenleving of voor de politiek?”
       -     Ik vind dat schrijvers dat in Zweden een beetje teveel moesten hebben, en daar doe
             ik dus niet aan mee. Het kan best zijn dat er een bedoeling verstopt zit in mij boeken,
             maar daar gaat het me niet om. Voor mij is het vermaken van de lezer genoeg. 
       -     Ik heb natuurlijk wel persoonlijke ideeën, ik heb ook mijn kijk op de wereld, die ik in
             mijn boeken verwerk, maar het is aan de lezer om uit te maken wat ze daar mee
             doen. Ik heb daar geen verborgen agenda mee…
Dick Gebuys

Opmerkingen

Er zijn geen opmerkingen bij dit bericht.