Terug naar overzicht

Onderbouw

In onze onderbouw, de eerste drie jaren van school, staat het leren leren voorop. Het opdoen van kennis is immers niet genoeg. De leerling moet vooral weten hoe hij deze kennis kan verwerven en toepassen. Daarvoor moet de leerling over allerlei vaardigheden beschikken. Hij moet leren plannen, samenwerken, zelfstandig onderzoek doen, ICT toepassen, presenteren.

Deze vaardigheden komen aan de orde in alle vaklessen, maar ook bij de verschillende projecten in de onderbouw. De eerste drie leerjaren vormen dan ook een goede voorbereiding op de Tweede Fase en 4 Mavo, waarin de leerling in staat moet zijn om grotere en complexere leervragen en –opdrachten op een juiste wijze te organiseren en uit te voeren. De leraren werken stap voor stap hier naar toe. De leerlingen werken een gedeelte van de les alleen of in groepjes in het leslokaal of in één van de computerruimtes of andere werkruimtes van de school, bijvoorbeeld in een van de  stille werkplekken, samenwerkplekken of het Open Leercentrum. In het Open Leercentrum kun je ook gebruik maken van een leeshoek.

Natuurlijk gebeurt dit steeds onder begeleiding van een medewerker.

Het aanleren van vaardigheden komt ook aan de orde tijdens de maatwerkblokken, die verzorgd worden door het onderwijsteam van de afdeling. Tijdens deze maatwerkblokken speelt de mentor een centrale rol om de leerling te ondersteunen in het maken van keuzes en het reflecteren op zijn/haar werkwijze en behaalde resultaten. Het streven is om de zelfstandigheid te laten groeien en de leerling te leren om verantwoordelijkheid te nemen voor zijn/haar wijze van leren en resultaten..


Brugklas

De brugklas is een schakelklas tussen basisschool en voortgezet onderwijs. Voor veel kinderen is de overgang naar de volgende vorm van onderwijs vooral in het begin groot. Het is wennen aan een nieuwe groep kinderen, een nieuwe omgeving met wisselende docenten, het andere leerniveau, de andere wijze van werken en het verschil in schoolomvang.

De brugklas biedt de eerste opvang en gedurende de eerste fase in die brugklas begeleiden wij alle leerlingen nauwgezet bij hun eerste stappen in het voortgezet onderwijs.

Brugklastypen en toelating

Tijdens de aanmeldingsprocedure wordt door onze school in samenwerking met de basisschool onderzocht welke de mogelijkheden zijn van het kind. We kijken naar het advies van de basisschool, waarin meegenomen is:

  • de schoolprestaties
  • het Cito-onderzoek en
  • naar wat de leerling graag wil

De plaatsingscommissie van onze school besluit in welk brugklastype de leerling wordt geplaatst: de TTO-Havo/Vwo-brugklas, de Havo/Vwo-brugklas, de TTO-Mavo/Havo-brugklas of de Mavo/Havo-brugklas.

We gebruiken deze vier brugklastypen om ervoor te zorgen dat elke leerling zo goed mogelijk geplaatst kan worden.

Aan het einde van het eerste schooljaar wordt beslist in welke afdeling de leerling geplaatst wordt: Mavo, Havo, atheneum (Vwo) of gymnasium (Vwo).


Onderwijsaanbod

Het Sintermeertencollege is een scholengemeenschap voor Vwo (gymnasium en atheneum), Havo en Mavo. Het Sintermeerten biedt ook tweetalig onderwijs (TTO) Engels-Nederlands voor Vwo-  én voor Havo- én voor Mavo-leerlingen.
Onze school heeft vier verschillende brugklassen: Mavo-Havo brugklassen en Mavo-Havo brugklassen tweetalig onderwijs, Havo-Vwo brugklassen en  Havo-Vwo brugklassen tweetalig onderwijs.

De Mavo-Havo brugklassen

In deze klassen worden leerlingen geplaatst met een Mavo, een Mavo/Havo advies of een Havoadvies. Voor leerlingen met een Havo advies wordt na overleg met de groepsleerkracht bepaald welke brugklas het meest geschikt is, de Mavo-Havo brugklas of de Havo-Vwo brugklas. Het Sintermeerten beslist uiteindelijk in welke brugklas een leerling met een Havo advies geplaatst wordt.

In de Mavo-Havo klassen wordt zowel op Mavo- als op Havoniveau lesgegeven. Door middel van differentiatie binnen de lessen krijgt elk kind les op zijn of haar niveau. Ditzelfde geldt ook voor de Mavo-Havo klassen in de tweetalige stroom.

De Havo-Vwo brugklassen

In deze klassen worden leerlingen geplaatst met een Havo, een Havo/Vwo of een Vwo advies. Voor leerlingen met een Havoadvies wordt na overleg met de groepsleerkracht bepaald welke brugklas het meest geschikt is, de Havo-Mavo brugklas of de Havo- Vwo brugklas. Ook nu beslist het Sintermeerten uiteindelijk in welke brugklas een leerling met een Havoadvies geplaatst wordt.

In de Havo-Vwo klassen wordt zowel op Havo- als op Vwo-niveau lesgegeven. Ook hier wordt door middel van differentiatie recht gedaan aan het niveau van elk kind. Voor de leerlingen met een eenduidig Vwo-advies is er in deze klassen een apart Vwo+ programma met daarin verrijkings- en verdiepingsstof. Ditzelfde geldt ook voor de Havo-Vwo klassen in de tweetalige stroom.


Cijfers

Leerlingen in de brugklas ontvangen cijfers op hun niveau. Op deze manier worden resultaten duidelijker en ontstaat er een beter beeld voor bevordering naar de tweede klas. Ook is het motiverend voor de leerling als deze ziet dat hij/zij op zijn of haar eigen niveau goede cijfers haalt, het geeft meer kansen om goed te presteren.


Gymnasium kiezen

In de loop van het eerste jaar krijgen de leerlingen die daarvoor in aanmerking komen een aantal kennismakingslessen Latijn en Grieks waarna aan het eind van het eerste jaar de keuze gemaakt kan worden voor het volgen van de klassieke talen en bevordering naar het gymnasium in leerjaar 2.


De tweede klas

Aan het einde van de brugklas volgt vervolgens de bevordering. Een leerling kan bevorderd worden naar een Mavo 2, een Havo 2, een atheneum 2 of een gymnasium 2 klas.

Dat wil niet zeggen dat de route dan bepaald is. Voor het tweede leerjaar Mavo en Havo organiseert de school een opstroomvariant. Leerlingen die mogelijk meer in hun mars hebben, maar langzamer doorgroeien kunnen door middel van een opstroomprogramma toch zodanig toegerust worden dat zij in leerjaar 3 naar het hogere niveau (Mavo+, Havo of Vwo) kunnen doorstromen. Voor de Vwo-leerlingen is er in leerjaar 2 een Vwo+ variant waarmee wij de Vwo-leerlingen die dit aan kunnen, willen bedienen met verrijkings- en verdiepingsstof.

Met deze structuur willen wij de doorstroom verbeteren, de definitieve keuze uitstellen en elk kind zoveel mogelijk kansen geven. De bedoeling is dat elk kind op de derde klas op het niveau zit waarin het ook eindexamen zal doen.


De TTO-leerweg

Voor toelating tot de TTO brugklassen gelden in principe dezelfde toelatingseisen als voor de toelating tot de niet tweetalige brugklassen. Er wordt wel door middel van een gesprek met kinderen en ouders en het schrijven van een brief door het kind een onderzoek gedaan naar de motivatie en de beweegredenen om aan te melden voor de TTO-leerweg.


Een nieuw gevoel

Introductie

Op de basisschool ben je de grootste, in de brugklas de jongste leerling van school. Vroeger kende je iedereen, nu ben je omringd door veel nieuwe gezichten. Misschien is het niet meer zo vanzelfsprekend dat je bij de besten van de klas hoort ... Daarom biedt het Sintermeertencollege een introductieprogramma aan.

In de maand juni is er een kennismakingsmiddag voor alle toegelaten leerlingen; ze komen in de nieuwe klas bijeen en maken kennis met elkaar en met de mentoren. Direct in het begin van het schooljaar starten we met een uitgebreid introductieprogramma. Via sport, spel en excursie leren de leerlingen elkaar kennen en ontstaat het eerste groepsverband.

Buitenschoolse activiteiten

Voor kinderen betekent school meer dan alleen maar een instituut om kennis te vergaren. School is voor hen ook een plek om te leren omgaan met anderen. Sintermeerten biedt daarbij een helpende hand door het organiseren van buitenschoolse activiteiten. Alles een beetje afhankelijk van de belangstelling die er dat jaar is. Een aantal keren per jaar wordt er na afloop van de lessen door de LO-docenten een klassencompetitie georganiseerd. Wisselende sporten (voetbal, basketbal, handbal, volleybal, hockey, atletiek, softbal, schoolcross en zwemmen) komen aan bod, waarbij de klassenlagen tegen elkaar uitkomen om uit te maken wie zich ‘’de sportklas van het jaar’’ mag noemen en aan het eind van het schooljaar kan rekenen op een sportieve beloning.


Leerlingbegeleiding

Ook binnen school heeft uw kind veel persoonlijke aandacht nodig en in het eerste jaar misschien wel extra. Het weet nog niet altijd zijn eigen weg te vinden en daarom is het belangrijk dat er mensen zijn die hierbij helpen. Niet alleen tijdens de les, maar ook daarbuiten.


Begeleiding binnen de les

Elke vakdocent begeleidt zijn leerlingen binnen de normale vakles. Als een leerling na uitleg van de docent de stof niet begrijpt, kan hij de docent om extra uitleg vragen. Deze zal de leerling aanwijzingen geven en hem hulp bieden waar dat nodig is. Daarnaast heeft iedere klas een of twee mentoren, leraren die speciaal belast zijn met de zorg voor de groep. Zij begeleiden de leerlingen ook bij het leren van allerlei studievaardigheden, zoals het plannen van huiswerk en proefwerken. Een belangrijk hulpmiddel hierbij is de speciale agenda die de kinderen via school krijgen. Verder is er een wekelijks mentoruur waarin individuele begeleiding kan plaatsvinden. Kinderen leren om te gaan met sociaal-emotionele zaken en zijn bezig een keuze te maken voor het schooltype waarmee ze volgend jaar willen verder gaan. Ook zijn de mentoren de eerste contactpersonen tussen school en ouders.
Via SOMtoday hebt u ten allen tijde inzage in de resultaten en de absentiegegevens van uw kind. Via Zermelo hebt u inzage in het lesrooster.


Begeleiding buiten de les

Er zijn altijd leerlingen die meer zorg en aandacht nodig hebben. Zij krijgen naast de begeleiding in de reguliere les nog eens extra begeleiding. Daarnaast kan de leerling gebruik maken van ons “tutorsysteem”. Bovenbouwleerlingen geven  dan bijles aan onderbouwleerlingen.
 In sommige gevallen (bijvoorbeeld als er sprake is van dyslexie, dyscalculie, faalangst, moeite met weerbaarheid) kan de leerling extra begeleiding krijgen.


Het maatwerkblok

Om adequaat in te kunnen spelen op de individuele behoeften van elke leerling is er het zogenaamde maatwerkblok, een middag in de week waar kinderen zelf, met begeleiding van hun mentor, werken aan hun eigen leerdoelen. Ze maken een keuze maken voor herhaling, verdieping, verrijking of extra hulp, afhankelijk van wat ze nodig hebben. De leerlingen werken, naar gelang hun keuze, in een samenwerklokaal of in een stiltelokaal. Tevens zijn er korte colleges waarin lesstof nog eens wordt uitgelegd.
Voorafgaand aan elk maatwerkblok is er een opstartmoment. Samen met de mentor kijken de leerlingen wat ze die middag gaan doen en wat ze willen bereiken.  Zo leren ze stapsgewijs zelf een planning te maken.


Contacten met de ouders

De mentor is de centrale figuur bij de contacten met ouders. Hij/zij is op de hoogte van alles wat de leerling aangaat. Met hem/haar is het mogelijk vragen op het gebied van begeleiding te bespreken.

Elk jaar wordt een aantal ‘ouderavonden’ georganiseerd. Ouders hebben daar de mogelijkheid om met mentor en/of vakdocenten over hun kind te praten.

Het team van mentoren wordt geleid door de afdelingsleider van de betreffende afdeling.

Via Somtoday kunnen ouders gegevens inzien betreffende de resultaten en de aan- en afwezigheid. Somtoday is een schooladministratieprogramma waarvoor de leerling een toegangscode krijgt. Via Zermelo kunnen leerlingen het lesrooster en de eventuele roosterwijzigingen inzien.


Huiswerk

Een kind is vanuit de basisschool gewend om huiswerk te maken. In het voortgezet onderwijs neemt de dagelijkse hoeveelheid huiswerk flink toe. Vooral in het begin moeten leerlingen daaraan wennen. Er zijn verschillende instrumenten die hen daarbij behulpzaam zijn. Belangrijk hierbij is nadrukkelijk de agenda. We maken in leerjaar 1 en 2 gebruik van een verplichte Sintermeerten agenda. Deze is zodanig vormgegeven dat hij niet alleen de leerling helpt bij het organiseren van het huiswerk, maar ook dient als begeleidingsinstrument voor de mentor. Uiteindelijk moet een leerling in staat zijn om zelfstandig zijn dagelijkse taken uit te voeren.


Bevordering en advisering

Aan het einde van het schooljaar wordt een leerling uit de brugklas bevorderd naar een tweede klas. Doubleren kan alleen in zeer specifieke gevallen, zoals bijvoorbeeld in geval van zeer langdurige ziekte.

In de loop van het jaar wordt een leerling beoordeeld op de resultaten die hij/zij heeft behaald. Om de determinatie goed te kunnen uitvoeren is het belangrijk inzicht te hebben in de capaciteiten van een leerling. Vanuit de gegevens van de basisschool hebben de docenten daar een eerste beeld van. Tijdens het schooljaar wordt een aantal keren een voorlopig advies met betrekking tot het volgende schooljaar gegeven. Uiteindelijk kan zo aan het einde van het schooljaar een evenwichtige en goed onderbouwde keuze worden gemaakt.

Na afloop van de brugklas vervolgen de leerlingen hun opleiding in leerjaar 2 van één van de drie afdelingen die wij in huis hebben: Mavo, (tweetalig vanaf 2020-2021) Havo of (tweetalig) Vwo (Atheneum en Gymnasium).